Rij-impressie; Hyundai Veloster

De Veloster is een ware culturele revolutie voor Hyundai. Hij onderstreept de nieuwe inslag van het merk nog eens extra, op zijn eigentijdse manier.

Het zal je niet ontgaan zijn in het hedendaagse straatbeeld dat er heel wat fris en jong ogende nieuwe Hyundai’s rondrijden. De Koreanen hebben een nieuw familiegezicht en een nieuwe huisstijl doorgevoerd. Nieuwe huisstijl zeg ik omdat het niet alleen bij het smoelwerk (voorkant) van de auto blijft. Dit is namelijk ook terug te zien in nieuwe lijnen, gedeelde nieuwe interieur componenten, motoren en een hoop opties om met de tijd mee te gaan.

Tot een aantal jaar geleden had Hyundai een nogal anoniem en “saai” uiterlijk met dito motoren. De gemiddelde niet Hyundai klant draaide zijn hoofd niet om voor hun modellen, wat een vrouwenauto hoor ik mensen nog regelmatig zeggen over de wat oudere Hyundai’s. Maar met de nieuwe huisstijl van Hyundai is niks mis, dat mag zeker gezegd worden en daar dachten veel Hyundai klanten hetzelfde over. Als je naar de verkopen van 2011 kijkt zie je dat het merk ten opzichte van 2010 een groei van 30,5 procent heeft weten te realiseren in ons land.

De Veloster die wij mochten testen was voorzien van een 1.6 Gdi benzine motor met 140 pk. Wij kregen de dikste variant mee, die bij Hyundai de i-Catcher wordt genoemd. De term i-Catcher houdt bij Hyundai in dat we te maken hebben met een full-option model. Bij deze Veloster past de benaming i-Catcher wel. Zijn witte lak met zwarte dak benadrukt dat nog eens extra. Want het is eerder een mode bewuste kleur als een praktische. Bij het bekijken van de voorkant vallen de luchthapperachtige bumpers je meteen op, als is dat niet hun functie, ze geven de Veloster wel een sportieve look. De koplampen sluiten daar strak op aan en zijn mooi in het ontwerp geïntegreerd. Onderaan is een rij ledjes geplaatst die bij stadsverlichting subtiel aanwezig is en dus niet zo in het oog springt als bijvoorbeeld de LED strips bij Audi modellen. Ook oogt de ledstrip alles behalve goedkoop, wat je bij sommige andere merken wel ziet, alsof ze er later nog bij gepropt moesten worden. Dat de Veloster eigentijds is zie je dus al aan de voorkant, want los van het familiegezicht (het logo en de chromen horizontale streep) is alles anders als de rest uit zijn familie en speciaal voor dit model gemaakt.

De daklijn maakt deze auto tot een echte coupé en door zijn zwarte A- en B-stijllijken de ramen rondom bijna één geheel, vooral bij schemering/ ’s nachts, wanneer ze bijna onzichtbaar zijn. Opvallend en (het unique selling point van de Veloster) lekker eigenwijs is de enkele passagiersdeur achter aan de bijrijderkant.

Dit onderscheid hem in het coupé-segment, waar het een welkome extra is, maar hij schiet er net mee tekort bij zijn 5-deurs concurrenten. Door de voor lange mensen onpraktische instap en gemis van een zelfde deur aan de andere kant.

Wanneer je twee (of meerdere) kinderen hebt zal het wel een gevecht zijn wie er rechts achter mag zitten in de auto, want de achterste deur open doen is nog steeds minder moeite als de linker voordeur open doen en dan ook nog eens de stoel naar voren moeten klappen. Volwassenen mogen echter niet veel langer zijn dan 1,60 M, want anders zit je gegarandeerd met je hoofd tegen het dak. Voor mij met mijn 1,93 was de instap achter echt als het TV-programma ‘Hole-in-the-wall’, waar je de vorm van de opening van de muur moet aannemen. Al was het hier geen muur, maar de opening van de achterinstap.

De instap aan de voorzijde ging met mijn lengte (1,93m) redelijk, totdat ik er achter kwam dat de voorstoel niet verder naar beneden kon. Dan de hemel van het optionele schuif-/panoramisch dak maar open, om het glazen schuifdak ook nog te openen was het helaas te koud voor. Na de hemel van het schuifdak met één druk tegen de knop te hebben opengedaan verraste de rest van het interieur wel in een positieve zin. Het oogt van binnen allemaal erg trendy en modern, wel bijna alles is van hard kunststof, maar door de goede afwerking voelt het wel solide aan. De verticaal geplaatste ventilatieroosters bij de middenconsole en alle knopjes er omheen waren wennen, daar je dit niet verwacht in zo’n auto. De knopjes onder de boardcomputer hadden voor mij niet in glossy piano black gehoeven, maar gewoon in een matte finish, want nu lijkt het net een goedkope HIFI-set. De lederen stoelen zitten erg goed met voldoende zijdelingse steun, ook bij het sportievere rijden, wat wel zo fijn is.

Bij het wegrijden met de Veloster voelt het stuurwiel goed en licht in de hand met voldoende grip, door de fijne bolling bij middel- en ringvinger (wanneer je je handen op tien voor twee hebt). Bij sportiever rijgedrag zou hij echter wat zwaarder mogen sturen. De knoppen aan het stuurwiel voor de audio- en cruisecontrolbediening zijn een fijne standaard, maar de rest van de knoppen vinden wij wat overbodig of niet goed bedienbaar. Zo zijn de boardcomputer, navigatie en climatecontrol niet fijn te bedienen vanaf het stuur. Dus zoals de boarcomputer bij het opstarten zelf al aangeeft heb ik de route handmatig ingevoerd. Die op deze manier wel prima te bedienen is, doordat het een kleurenscherm is met touchscreen en direct reageert als je er op drukt. De klokken achter het stuur zijn prima afleesbaar en zijn mooi sportief afgewerkt. Ook kun je de I-pod aansluiting als optie aanvinken en zit er standaard een cd-speler boven de boardcomputer. Dit met de opties op en rond het stuur richt hem wel echt op jonge potentiële kopers met veel functionaliteit en een modern uiterlijk.

De handgeschakelde zesbak die in onze testauto lag schakelde redelijk strak, maar had voor ons twee punten van kritiek. Bij het sportievere rijden moest je (door het gemis van een turbo) lang doortrekken in de eerste versnelling om in zijn twee lekker door te trekken en bij het economisch rijden zit je bij de 80 zo in zijn 6, maar rond de 120/130 km/h is de motor al tamelijk gehorig aanwezig, terwijl hij pas 4000 zuigeromwentelingen per minuut maakt. De vijfde versnelling had dus wel wat langer gemogen.

Dat onze testauto liever economisch gereden wordt is ook te zien aan het ergiebesparend start-/stopsysteem en het Bluedrive systeem. Dit laatste controleert constant de spanning van de accu en als de accu dan op voldoende spanning is hoeft de dynamo zijn werk niet te doen, waar de motor vervolgens zijn kracht niet aan hoeft te besteden. Slim gedaan van Hyundai, al zeg ik het zelf! Ook de lage rolweerstand banden, aanpassingen aan de transmissie, goede aerodynamica en schakelindicatie dragen bij aan de brandstofbesparing.

Met zo’n sportief uiterlijk zou je echter denken dat het wel mogelijk zou moeten zijn om er ook lekker sportief mee te rijden. De centraal geplaatste uitlaat achter is wat dat betreft puur voor de sier. Want al klinkt hij van buitenaf bij het gas geven een beetje sportief, daar krijg je binnen helemaal niks van mee. De vering van de auto is tamelijk hard, wat het sportieve rijgedrag ten goede zou moeten komen, maar bij wat pushen werkt het onderstel niet lekker mee en mis je motorvermogen. We zijn daarom erg benieuwd wat ze bij Hyundai van de Veloster Turbo gaan maken!

De Veloster koop je dus als je op zoek bent naar een trendy woon-/werkauto, die comfortabel en efficiënt rijdt,je genoeg functionele gadgets voor handen wil hebben op en rond het dashboard, maar er meestal alleen, met je partner en/of kinderen in rijdt.

Gerelateerde berichten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *