www.autoinformatief.com

Switch to desktop Register Login

Interclassics & Topmobiel 2015; Grand Prix deel 1

Afgelopen weekend zijn we afgereisd naar het zuiden des lands waar het MECC in Maastricht in het teken stond van klassiekers uit binnen en buitenland. De komende week zullen wij in enkele artikelen terugblikken op het blik wat hier tentoon gesteld stond.

Één van de thema's dit jaar was "Grand Prix Classics". In samenwerking met de Historische Auto Ren Club (HARC) en de Historic Grand Prix te Zandvoort werden een aantal unieke raceklassiekers tentoongesteld van over de hele wereld.

1961 Lotus Climax Type 18
De Lotus van het Amerikaanse Team Camoradi werd in 1961 ingezet voor het Formule 1 kampioenschap met de Engelse coureur Ian Burgess achter het stuur. In dit jaar heeft deze bolide onder andere geracet op Zandvoort, tijdens de Belgische Grand Prix in Brussel en de Duitse Grand Prix op de Nurburgring.

De Lotus wordt aangedreven door een 2.5-liter Coventry Climax motor met de grootste Weber carburateur ooit, de 58 DCOE. In 1961 werd ook voor het eerst de rolbeugel op de auto's gemonteerd.

De auto zoals hier tentoongesteld is uniek omdat zowel het chassis als de carrosserie nog volledig origineel zijn. Tegenwoordig wordt dit voertuig nog steeds ingezet voor historische races zoals onlangs nog tijdens het Goodwood Revival festival.

1967 Lotus P49 R3
De Lotus P49 werd tijdens het seizoen van 1967 geïntroduceerd. Er werden twaalf exemplaren gebouwd waarbij de carrosserie van de R3 enkele unieke modificaties onderging. De P49 was de eerste auto die uitgerust was met de legendarische Ford-Cosworth DFV-Motorblok, een dubbele vierklepper, die als dragend deel fungeerde. De topsnelheid bedroeg toen der tijd een niet mis te verstande 290 km/u. De enige overgebleven teamwagen uit 1967 werd aan de vooravond van de Britste GP in elkaar gezet om de rest van het seizoen bestuurd te worden door Graham Hill.

In 1968 werd de auto verkocht na de GP van Zuid-Afrika en deed nog vele jaren dienst als racewagen. Na een restauratie in 1982 kwam de wagen drie jaar later in het National Motor Museum in Beaulieu, Engeland.

1970 March 701
De hier afgebeelde March 701 is de eerste van drie 701's die geleverd werden aan het Ken Tyrell Team. Met Jackie Stewart achter het stuur kwam de March in 1970 tijdens de GP van Zuid-Afrika op pole position te staan. Hierna werd tijdens de Race of the Champions op Brands Hatch de eerste overwinning gevierd. Op het Jarama circuit in Spanje leidde Jackie Stewart de March naar zijn eerste Grand Prix overwinning.

In 2009 werd de auto geveild door Bonhams en in de jaren daarop werd de auto nauwkeurig gerestaureerd en race-klaar gemaakt. De toenmalige eigenaar heeft er in 2012 de Monaco Historic Grand Prix mee gereden samen met nog drie March 701's.

1974 Surtees TS 16
De Surtees TS 16 was geen groot succes nummer voor de Surtees Racing Organisation. Met overgewicht en een ondergewaardeerde motor kon de auto moeizaam meekomen met de top van het spelersveld.

Tijdens de US Grand Prix in 1974 verongelukte Helmuth Koinigg. In 1975 werd de TS 16 wederom ingezet, dit keer met John Watson achter het stuur. Hij kon hiermee echter geen kampioenschapspunten behalen.

1977 McLaren M26
Gordon Coppuck begon in 1976 al met het ontwerpen van deze Formule 1 ter vervanging van zijn voorganger, de McLaren M26. Het idee was om hem lichter en lager te maken als zijn voorganger, wat uiteindelijk ook gelukt is. In 1977 werd de auto eindelijk in gebruik genomen door het team.

James Hunt nam plaats achter het stuur en behaalde drie overwinningen in Duitsland, VS en Japan. Daarnaast werden er ook nog twee podium plaatsen behaald. Helaas voor Hunt ging de podium plaats in Canada en Oostenrijk aan zijn neus voorbij door problemen met de auto.

Aan het einde van het seizoen behaalde McLaren 69 punten wat resulteerde in een derde plaats in het constructeurs kampioenschap. Nadat de M26 vervangen werd voor een opvolger duurde het tot 1981 voordat McLaren wederom een succes boekte in de Formule 1.

1978 Lotus 79 chassis 3 John Player Special
In 1978 heeft Team Lotus deze John Player Special ontworpen en gefabriceerd. Rijders Mario Andretti en Ronnie Peterson domineerden het F1 seizoen van 1978. Mario Andretti werd wereldkampioen en Team Lotus zou voor de 7e keer de constructeurs titel winnen.

De Type 79 zorgde voor een revolutie in de F1 ontwerpen. Modellen met deze aerodynamica werden bestempeld als het "Ground Effect" tijdperk.

1980 Ligier JS11/15
De Ligier JS11/15 is een doorontwikkeling van de JS11 die het jaar daarvoor gebruikt werd. Met twee verschillende coureurs werden er in 1980 twee races gewonnen. Het probleem was dat de auto zo goed ontworpen was dat hij te veel downforce genereerde. De wielophanging kon dit simpelweg niet aan en kwam vooral tijdens het aanremmen voor bochten onder zo'n druk te staan dat deze geregeld problemen.

De concurrentie van Williams en Brabham was moordend voor de Ligier. Jacques Laffite werd vierde in de eindstand. Teamgenoot Didier Pironi werd vijfde en vertrok toen naar Ferrari.

1980 Arrows A3-3
Tijdens het seizoen van 1980 & 1981 gebruikte het Arrows team de A3 na het slechte seizoen van de Arrows A2 in 1979. De A2 had diverse aerodynamische innovaties waar men direct weer van af stapten. Met de A3 ging men weer terug naar een conventioneler ontwerp. De enige innovatie was de behuizing van de versnellingsbak om de weerstand te verminderen.

Riccardo Patrese behaalde het beste resultaat voor Arrows ooit in de A3. Tijdens de 1980 US Grand Prix behaalde hij een tweede plaats, de snelste ronde tijdens de 1980 Grand Prix van Monaco en Pole position tijdens de 1981 Long Beach Grand Prix.

De auto is momenteel race-klaar en actief in de FIA World Championship GP Masters.

1992 Ferrari F92A
Jean-Claude Migeot is de persoon achter deze Ferrari F92A, hij heeft deze Formule 1 auto ontworpen voor het seizoen van 1992. Er zijn twee versies van deze auto; de originele versie reed in de eerste elf races van het seizoen terwijl de laatste fase gereden werd door de F92AT.

Het gehele seizoen zat niemand minder dan Jean Alesi achter het stuur maar deze wist slecht twee podiumplaatsen te behalen, in Spanje en Canada, en behaalde in totaal 21 punten. De auto was vooral bekend om zijn "double-flat bottom" die het zeer moeilijk maakte om mee te rijden.

  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_1
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_10
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_11
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_12
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_13
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_14
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_15
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_16
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_2
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_3
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_4
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_5
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_6
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_7
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_8
  • Interclassics_Topmobiel_Maastricht_F1_9

© AutoInformatief.com Sinds 2008

Top Desktop version

sporter Are you sure that you want to switch to desktop version?