Tagarchief: Ferrari

Interclassics & Topmobiel 2015; Grand Prix deel 2

Na eerder deze week het artikel over de Formule 1 auto’s uit voornamelijk de jaren ’60 & ’70 gaan we nu iets verder terug in de tijd. Waar werd er mee geracet in de jaren ’20, ’30 en ’50? 

1925 Bugatti T35
De T35 is een auto die door veel mensen direct als een Bugatti herkend wordt, het is het type waar Bugatti echt bekend mee is geworden. Mocht je er ooit één in het echt zien is er ook nog eens een grote kans dat dit een replica is aangezien zo’n replica ook populair is onder de liefhebbers. 

De hier getoonde T35 is echter “the real deal” uit 1925. In 1926 heeft deze meegereden in de Grand Prix van San Sebastian maar hierna is er weinig bekend van de historie. In 1969 kwam de auto pas weer boven water in een schuur. In de tussentijd heeft hij diverse eigenaren gehad waarvan één in 1948 met deze auto op huwelijksreis is gegaan! In 2004 is de auto uiteindelijk in bezit gekomen van een Nederlandse eigenaar welke hem tot op vandaag nog steeds in bezit heeft. 

1928 Bugatti T37
Desondanks het type doet vermoeden dat de T37 een grotere versie is van de T35 is dit juist andersom. De Bugatti T37, de zogenaamde voiturette, is het kleine zusje van de Type 35. Dit is een vooroorlogste Formule 3 auto met een kleinere motor (4 cilinder lijn 1500 cc in de T37 in tegenstelling tot de 2 liter 8 cilinder in de T35).  

Net als de T35 en T51 waren deze racewagens te koop om door Privateers geraced te worden. Kort na de oorlog is deze auto door Dhr. Meijer naar Maastricht gehaald. Sinds 2012 is de auto in handen van de huidige eigenaar. 

1931 Bugatti T54
De Type 54 is een race auto die is uitgerust met een 4.9 liter 8 cilinder die 300 pk produceert. Van dit type zijn er slechts 9 geproduceerd, en 4 werden meteen weer gedemonteerd. De hier getoonde auto is chassisnummer 1 de fabrieksracer gemaakt voor Achille Varzi. Naast deze is er nog maar 1 ander authentiek exemplaar overgebleven. 

De tweede eigenaar was Prins Jiri Lobkowicz uit Czechoslowakije maar de auto was hem niet goed gezind. Tijdens zijn eerste race, de Grand Prix van Duitsland op de Avus baan in Berlijn, verongelukte de Prins. Hij werd maar 26 jaar. 

1933 Alfa Romeo 8C 2300 Monza
Tussen 1931 en 1934 werd de 8C 2300 motor gemaakt ter vervanging van de succesvolle 6C 1750. Deze motor had  cilinders in lijn en een cilinderinhoud van 2336 cc. De motor werd zowel gebruikt in een spider met korte wielbasis, de Torpedo met lange wielbasis als een speciale eenzitter gebouwd voor Grand Prix races.

Een maximaal vermogen van 180 pk werd uit deze 8-cilinder gehaald, prestaties die van deze wagen de eest succesvolle racewagen uit zijn tijd maakte. De Alfa Romeo 8C 2300 won onder andere de Mille Miglia, viermaal de 24 uur van Le Mans en de 24 uur van Spa Franchorchamps.

Met de raceversie van de 8C 2300 Spider bestuurd door Tazio Nuvolari won de auto in 1931 en 1932 de Targa Florio in Sicilië, de overwinning van de Italian Grand Prix in Monza in 1931 gaf de naam “Monza” aan de tweezitter GP-auto. De Alfa Romeo fabriek voegde vaak de naam van de gewonnen evenementen toe aan de naam van de auto. 

1934 Auto Union Type A/35 (Replica)
Misschien wel één van de meest herkenbare raceauto uit het verleden is de Auto Union Type A/35. Deze revolutionaire Grand Prix auto was uitgerust met een middenmotor en werd voor het eerst in 1934 ingezet op Avus. 

Hans Stuck nam in de eerste zeer natte ronde de leiding en aan het einde van deze eerste ronde had Hans al één minuut voorsprong opgebouwd. Ondanks deze geweldige start werd de eindstreep niet behaald door koppelingsproblemen. In 1934 was de A/35 actief in 9 Grands Prix. 

Door race ongevallen en de oorlogsperiode heeft geen enkele Auto Union de tand des tijds doorstaan. Met toestemming van Audi Tradition is de auto nagebouwd met enkele voorwaarden. De auto mocht enkel gebouwd worden door C&G en moest beschikbaar zijn voor Audi Tradition voor speciale tentoonstellingen en demonstraties. 

1950 Talbot Lago T26 C
De Talbot Lago T26 C reed de formule 1 in het jaar 1950 en 1951 waarin het diverse podiumplaatsen behaalde en was in handen van diverse teams en constructeurs. Chassis en versnellingsbak waren afgeleid van de fabrieks raceauto’s uit 1930 en waren vergelijkbaar met die van vooroorlogse weg auto’s. 

Yves-Giraud-Cabantous, Eugene Martin, Louis Rosier, Philippe Étanceling en Raymond Sommer waren allen coureurs die in 1950 voor de fabriek gereden hebben. In het begin van het seizoen scoorde ze punten tijdens de GP van Silverstone. Vervolgens waren er geen goede resultaten tijdens de GP van Monaco. De Zwitserse Grand Prix van Bremgarten was een dieptepunt met een behoorlijk ongeluk voor Eugene Martin die zijn Formule 1 loopbaan vervolgens moest beëindigen. 

1950 Ferrari 340 F1
Deze experimentele Ferrari debuteerde op 30 juli 1950 in een niet voor het WK meetellende race in Geneve, de Grand Prix des Nations. Ferrari moest in die tijd alles uit de kast halen om in de buurt te komen van de dominante Alfa’s. 

In Geneve lukte dat nog niet. Alhoewel de tweede startplaats veelbelovend was kwam de 340 F1 na iets meer dan 2 uur racen met 6 ronden achterstand binnen. Enzo Ferrari begreep dat de 340 F1 niet voldeed en fabriceerde de 375 F1 die in 1950 al op Monza voor het eerst aan de start verscheen. 

Gezien de snelle overstap naar de 375 F1 waren de dagen van de 340 F1 al snel geteld. Na de race van Geneve is de auto nog slechts één keer ingezet. 

1951 Cooper Mk V
Kort na de oorlog waren de materialen schaars en werden racers gebouwd uit wat men beschikbaar had. Body’s uit brandstoftanks van vliegtuigen en motorfietsmotoren zoals JAP en Norton, met de bijbehorende versnellingsbakken. Dat waren de raceauto’s van vlak na de oorlog.  

Aanvankelijk 500cc een cilinder en later ook de 1000cc JAP twee cilinders. Doordat kettingaandrijving nodig was werd de motor achterin geplaatst. Dit bleek zo’n succesvolle opzet dat vanaf midden jaren ’50 alle auto’s zo werden uitgerust tot op de dag van vandaag. 

1952 Connaught A-Type
In 1952 en 1953 werden de Grand Prix gereden door auto’s met 2-liter motoren. Deze Connaught heeft een twee liter 4 cilinder van eigen merk met een pre selector, 4 versnellingsbak.

De hier getoonde auto met chassisnummer A3 was de eerste client auto en werd verkocht aan Ken Downing die hier in 1952 diverse races mee reed. Aan het einde van het seizoen werd de auto gekocht door Rob Walker die haar zeer succesvol liet racen door Tony Rolt en peter Collins. 

De A3 is de meest succesvolle van alle A-type Connaughts. Uit de 24 races won ze er 16, 7 tweede plaatsen en 1 derde plaats werden behaald. In 1954 en 1955 werd er nog actief mee gereden hierna leende de familie Walker haar uit aan diverse musea. 

De huidige eigenaar kocht de auto van Rob Walker’s weduwe. De auto is nog volkomen origineel en reed onlangs nog diverse Historische GP’s van Monaco, Zandvoort.

1952 Gordini T16
Deze Gordini werd in 1952 ontwikkelt als een 2-liter Formule 2 racewagen. In 1954 werd hij echter aangepast aan het Formule 1 reglement en omgebouwd tot een 2.5-liter Formule 1 wagen. 

Tijdens de Grand Prix van Zwitserland maakte de T6 in 1952 zijn debuut. In 1953 kampte het relatief kleine team met financiële problemen. In het nieuwe seizoen moest de T16 de concurrentie aangaan met de Ferrari’s 500. Ondanks dat het seizoen beter verliep dan het desastreuze voorgaande seizoen verdiend de T16 toch het respect onder de Franse race-auto fabrikanten van vroegere Formule 1 auto;s.

1953 Cooper – Bristol Mk II T23
Deze Cooper is de opvolger van de T20 en is zoals veel Coopers aangedreven door Bristol motoren en nog steeds uitgerust met de motor voorin. Deze Cooper werd bestuurd door Alan Brown in de F1/F2 van 1953-1954.

Ook Stirling Moss reed in het verleden voor Cooper – Bristol en behaalde enkele overwinningen . Alan Brown reed de Buenos Aires Libre Grand Prix helaas niet uit.

1956 Maserati 250F
De hier getoonde Maserati 250F werd in 1956 door Stirling Moss bestuurd en bracht hem tot vicekampioen van de Formule 1 met onder meer een zege in Monaco. De auto is nu ruim een halve eeuw later nog volledig origineel.

Een 2.5-liter zescilinder met dubbele ontsteking, die 270 pk genereerde, zorgt voor een topsnelheid van 290 km/u. De huidige eigenaar heeft de afgelopen jaren deelgenomen aan diverse Historische Grands Prix. 

{gallery}galleries/Shows/2015-Interclassics-Topmobiel-Maastricht/Formula1-classics/Large/{/gallery}

Ferrari’s sterkste atmosferische V8 ooit

Er zullen maar 499 exemplaren van gemaakt gaan worden en voor de Ferrarikenner zegt de foto genoeg. Hij is gebaseerd op de 458 Speciale, de hardcore variant van de 458 Italia.

 

 

Ferrari voerde dit kunstje al eens eerder op met de 430 Scuderia Spider 16M. Waar ook slechts 499 exemplaren van gemaakt werden, toen der tijd ter eren van de Formula 1 Constructor’s World Championship overwinning in 2008. Nu zes jaar later is hier de 458 Speciale A, waar de ‘A’ voor aperta staat, wat ‘open’ betekend in het Italiaans. Dit model kunnen we wellicht zien als laatste en meest extreme variant van de 458 Italia, maar misschien is het ook wel de laatste Ferrari met een atmosferische V8. En wat voor atmosferische V8!

De 4.5-liter V8 produceert maar liefst 596 pk en heeft een koppel van 540 Nm. Wat deze Speciale A zo snel maakt dat hij de sprint van 0 naar 100 km/h in een krappe 3 seconden weet aan te tikken.

Om de rest van de auto af te stemmen op zo veel brute kracht van de motor en om het rijplezier te vergroten zijn er een aantal wijzigingen aangebracht ten opzichte van de standaard 458 speciale. Niet alleen het dak is er af gegaan, wat zoals jullie misschien al weten meer gewicht toevoegt als dat het weg neemt (door het “zware elektronische” systeem wat het dak weg vouwt en de extra verstevigingen). Maar het geluid en de rijervaring wordt nog intenser doordat je met je haren in de wind zit en de V8 nog harder hoort brullen. Voor de handling van de auto hebben ze nieuwe actieve aerodynamica ontworpen, hebben ze het chassis verstevigd met wel 10 verschillende aluminium legeringen en heeft de auto de nieuwste Side Slip Angle Control mee gekregen, wat Ferrari’s versie van stabilitiy control is, maar dan met heel wat meer speling om de achterkant gecontroleerd uit te laten breken. Al kan de tractie control nog steeds volledig uit, zodat je alsnog een pirouette maakt wanneer je over de grip grens van de banden en de auto gaat.

De aluminium kap van de Speciale A kan automatisch geopend en gesloten worden en voegt slechts 50 kg extra toe aan de standaard hardtop variant.

De 458 Speciale A werd gisteren onthuld op de Parijs auto show.

{gallery}galleries/merken/Ferrari/2014-Speciale-A{/gallery}

Maserati’s geheim: Chrysler maakt het motorblok

Het is geen geheim dat zowel Maserati en Chrysler deel zijn van de Fiat Group. Dat Maserati’s motorblokken echter uit Detroit komen zal niet bij iedereen bekend zijn.

 

In Chrysler Group’s Trenton Engine Complex, gelegen in Detroit, werden deze zomer onder supervisie van Ferrari engineers 3,0-liter V6 motorblokken geproduceerd voor Maserati. Die vervolgens worden verscheept naar de assemblage plaats in het Italiaanse Maranello. Waar ze gereed worden gemaakt om in het vlaggenschip van Maserati de Quattroporte limousine en de nieuwe veel verkochte instapper sedan de Ghibli worden gehangen.

“Dat dit voor de Amerikanen een geheel nieuwe ervaring is en een kans om te leren wat het betekend om high-performance motoren te werken” geeft het commentaar van Brian Harlow, het hoofd van de ‘powertrain manufacturing engineering’ van deze fabriek, het beste weer.

Harlow vertelde onze bron ook dat: “er momenteel 50 motorblokken per dag worden gemaakt voor Maserati en dat dit aantal al snel opgekrikt zal worden naar 80 motorblokken per dag.” Ook zei hij dat: “dit aluminium motorblok door Ferrari is ontwikkeld. Het heeft twee turbo’s, gegoten stalen cilinderwanden en zowel het gieten als het bewerken van de motorblokken wordt uitgevoerd met zeer strenge toleranties.” Want zoals je wel kunt bedenken kunnen kleine afwijkingen de hoge prestaties van het motorblok verminderen en garanderen niet de kwaliteit van Maserati en daarmee ook Ferrari.

“We collect more data on a piece-by-piece basis than on anything else that we do,” vervolgde Harlow.
“The level of quality is just supreme. We’re going to benefit on our standard engines just because we’re working on this smaller engine on a higher level,” zei hij ook. Wat in America nog steeds niet zo is geïntegreerd als hier in Europa.  

Niet dat ze in deze fabriek geen high-performance motorblokken maken in deze fabriek, want in de Trenton Engine fabriek zijn al heel wat legendarische motorblokken gebouwd. Zoals de; Slant six, een in-lijn zescilinder motor en de 440, de grootste V8 die ooit gemaakt is door Chrysler. Maar hier zijn ze toch ook maar wat trots op. Er wordt door de hele fabriek gepronkt met het stijgerend paard om aan te tonen dat ze een gecertificeerde Ferrari motorblok fabrikant zijn.

De Trenton engine fabriek is niet de enige producent van deze motorblokken, want ook in Europa worden ze gefabriceerd bij Weber Automotive GmbH. Deze konden echter eerder dit jaar al niet meer aan de vraag voldoen, omdat de Ghibli zo goed verkoopt.

Bron: Europe.autonews.com

Maserati’s geheim: Chrysler maakt het motorblok

Het is geen geheim dat zowel Maserati en Chrysler deel zijn van de Fiat Group. Dat Maserati’s motorblokken echter uit Detroit komen zal niet bij iedereen bekend zijn.

 

In Chrysler Group’s Trenton Engine Complex, gelegen in Detroit, werden deze zomer onder supervisie van Ferrari engineers 3,0-liter V6 motorblokken geproduceerd voor Maserati. Die vervolgens worden verscheept naar de assemblage plaats in het Italiaanse Maranello. Waar ze gereed worden gemaakt om in het vlaggenschip van Maserati de Quattroporte limousine en de nieuwe veel verkochte instapper sedan de Ghibli worden gehangen.

“Dat dit voor de Amerikanen een geheel nieuwe ervaring is en een kans om te leren wat het betekend om high-performance motoren te werken” geeft het commentaar van Brian Harlow, het hoofd van de ‘powertrain manufacturing engineering’ van deze fabriek, het beste weer.

Harlow vertelde onze bron ook dat: “er momenteel 50 motorblokken per dag worden gemaakt voor Maserati en dat dit aantal al snel opgekrikt zal worden naar 80 motorblokken per dag.” Ook zei hij dat: “dit aluminium motorblok door Ferrari is ontwikkeld. Het heeft twee turbo’s, gegoten stalen cilinderwanden en zowel het gieten als het bewerken van de motorblokken wordt uitgevoerd met zeer strenge toleranties.” Want zoals je wel kunt bedenken kunnen kleine afwijkingen de hoge prestaties van het motorblok verminderen en garanderen niet de kwaliteit van Maserati en daarmee ook Ferrari.

“We collect more data on a piece-by-piece basis than on anything else that we do,” vervolgde Harlow.
“The level of quality is just supreme. We’re going to benefit on our standard engines just because we’re working on this smaller engine on a higher level,” zei hij ook. Wat in America nog steeds niet zo is geïntegreerd als hier in Europa.  

Niet dat ze in deze fabriek geen high-performance motorblokken maken in deze fabriek, want in de Trenton Engine fabriek zijn al heel wat legendarische motorblokken gebouwd. Zoals de; Slant six, een in-lijn zescilinder motor en de 440, de grootste V8 die ooit gemaakt is door Chrysler. Maar hier zijn ze toch ook maar wat trots op. Er wordt door de hele fabriek gepronkt met het stijgerend paard om aan te tonen dat ze een gecertificeerde Ferrari motorblok fabrikant zijn.

De Trenton engine fabriek is niet de enige producent van deze motorblokken, want ook in Europa worden ze gefabriceerd bij Weber Automotive GmbH. Deze konden echter eerder dit jaar al niet meer aan de vraag voldoen, omdat de Ghibli zo goed verkoopt.

Bron: Europe.autonews.com

DMC geeft 458 Italia de 458 Speciale look

Eigenaren van een Ferrari 458 Italia of 458 Italia Spider hoeven niet langer te treuren dat hun Italiaans stijgerend paard niet meer up-to-date is qua looks. Want de Duitse tuner DMC heeft nu een 458 Speciale look-alike kit.

 

 

In navolging op de beestachtige 458 “ESTREMO” en de iets subtielere 458 “ELEGANTE” kits van de Duitse tuner DMC komen ze nu met een derde kit. Die het over een hele andere boeg gooit. Ze noemen de kit zelf “MONTE CARLO”, met hoofdletters, enkel omdat het dan beter opvalt.  

De zeer populaire Ferrari 458 Italia ziet er van zichzelf al erg sexy uit, wat uiteraard een kwestie van smaak is of je het een begeerlijke auto vind. Maar hij is onmiskenbaar direct te herkennen als een Italiaanse sportauto. De 458 Spider gaat nog een stapje verder met zijn flamboyante looks als het aankomt op sexappeal. Want waar je met de coupé nog ongezien voorbij kunt flitsen, als een mooie moslima met een sjieke jurk en hoofdoekje op. Kun je er met de geopende Spider niet aan ontkomen om in de picture te rijden en gezien te worden, als een moslima zonder hoofddoekje en een iets wat gewaagde laag uitgesneden decolleté. Al wordt het in de automotive wereld niet zo provocerend gezien, uitdagend en grens overschrijdend zijn de ontwerpen van exoten als deze tegenwoordig wel.

Tuners gaan altijd nog een stapje verder om een auto voor een bepaalde doelgroep nog opvallender te maken. Waar ik persoonlijk van mening ben dat je een sportwagen best een andere set velgen mag geven, maar je van het uiterlijk af moet blijven qua vormen, denken menig andere individuen daar anders over. En ergens kan ik mij ook wel in de gedachtegang van rijke lui verplaatsen als je een auto als deze kunt betalen, dat je dan iets unieks wilt. Omdat de 458 Italia wel een productieauto is en geen handgemaakte Koenigsegg of Pagani bijvoorbeeld. Maar bijvoorbeeld de 458 “ESTREMO” van DMC gaat bij mij wel over een bepaalde grens. Los van of je het mooi vindt of niet, is er weinig respect meer voor het origineel aan af te lezen. Alsof je als sexy geklede moslima zonder hoofddoekje een andere man zoent in het openbaar, waar je niet mee getrouwd bent.

458 Italia “Monte Carlo”
Maar nu weer ontopic, want misschien is mijn vergelijkenis wel ver te zoeken, gelukkig is de originele 458 Italia nog steeds te herkennen in de “Monte Carlo”. Bij DMC zijn ze hun tijd zelfs vooruit met de 458 Italia Spider “Monte Carlo”. Want de 458 Speciale Spider van Ferrari is nog niet eens verschenen. Wanneer je de 458 Speciale naast de 458 Italia coupé/ spider vergelijkt zie je maar kleine verschillen tussen beide. Afgezien dat de Speciale de kenmerkende striping over de hele lengte van de auto heeft en de motorkap van de Speciale grote lucht in- en uitlaten heeft.

De spider heeft een kleine spoiler toegevoegd gekregen en de diffusers zijn ook gewijzigd, al spreken zei niet over een actieve diffuser zoals de 458 speciale wel heeft. Verwacht dus niet dezelfde downforce door deze nieuwe bodykits, maar enkel de looks.

Een ander noemenswaardig feit is dat de bumpers op dezelfde bevestigingspunten van de orginele kunnen worden gemonteerd, zonder iets aan het bodywerk te hoeven versleutelen. Goed nieuws dus voor Ferrari 458 Italia eigenaren, dat ze de oude bumpers kunnen bewaren en later zonder probleem weer terug kunnen laten plaatsen.

Beide auto’s op de foto zijn van een set PUR velgen voorzien met 21 inch aan de voorkant en 22 inch aan de achterkant en hebben andere schokbrekers gekregen om het zicht en verschil in handeling aan te passen op de nieuwe wielen.
{gallery}galleries/artikelen/2014/2014-05-19/DMC-458-Italia-Monte-Carlo{/gallery} 

 

 

Pagani en high-end tuning fanaat. Loopt rondjes op de atletiekbaan in zijn vrije tijd en rijdt Volkswagen Up.

Ferrari; de vernieuwde California T

De huidige California is alweer sinds 2009 op de markt, wat voor Ferrari de reden was om hem eens goed op te frissen. Met als grootste verandering dat hij een geheel nieuwe V8 turbomotor heeft gekregen.

 

 

 

De naam California staat bij Ferrari al sinds de jaren ’50 gelijk aan elegantie, sportiviteit, veelzijdigheid en exclusiviteit. En om de concurrentie net een stapje voor te blijven heeft Ferrari er voor gekozen om net als bij de Ferrari FF innovatieve technologieën te gebruiken die je misschien niet bij Ferrari zou vinden passen op het eerste gezicht. Naast de hard-top die voor veel fans uit den boze is komt er nu ook een turbo motor in de California te liggen (vandaar de T in de naam). Ferrari die bekend staan om een merk die enkel atmosferische motorblokken maakt, omdat die het perfecte kenmerkende Ferrari-karakter hebben, verbaast ons keer op keer. Natuurlijk hebben ze al eerder tubo’s gebruikt in het verleden, met de Ferrari F40 als meest succesvolle voorbeeld. Maar voor hun “doorsnee” auto’s werden nog nooit eerder turbo motoren gebruikt.  De California T die intern ‘Project 149M’ werd genoemd tot deze presentatie moet weer een hoop nieuwe klanten aantrekken als meest toegankelijke Ferrari van dit moment. Niet dat hij er braver op is geworden, want zijn vermogen is met 70 pk toegenomen en het koppel met maar liefst 49 procent (!). Of toch wel? Want hij denkt meer aan het milieu, door een lager verbruik en lagere CO2-emissies.

Knipoog naar de formule 1
De ingenieurs uit Maranello hebben een compleet nieuwe motor gecreëerd met absolute prestaties van topniveau, een verpletterend manier van oppakken en zoals zij zelf zeggen ‘de meest fantastische sound ooit voor een turbomotor’. Net als dit seizoen in de Formule 1 wordt een turbo toegepast om het brandstofverbruik en de CO2-emissies te beperken. Wat ze ook bij de California is gelukt, want hij verbruikt nu (mits je Euro 98 tank) 15 procent minder. En ook al doet het er niet echt toe bij een sportwagen als deze, de CO2 uitstoot is met 20 procent gedaald, tot 250 g/km.

De reden dat Ferrari voornamelijk atmosferische motorblokken in hun auto’s legt is simpel: je hebt geen turbo-gat, je kunt een fantastische sound creëren, de motor heeft een rechtlijnige koppelkromme (gelijkmatige opbouw van koppel) en top vermogen net voor de wijzernaald het rode toerengebied bereikt. 

We nemen kort met jullie door wat Ferrari er aan heeft gedaan om deze eigenschappen zo goed mogelijk te behouden. Ferrari heeft speciaal voor deze nieuwe motor een zogenaamd Variabele Boost Management ontwikkeld, wat er voor moet zorgen dat er nagenoeg geen sprake is van een turbogat, er net als een atmosferische motor een directe oppak van het koppel is en een koppelkromme die constant toeneemt over het hele toerengebied. Wat als het waar is een knappe prestaties is bij een motor van dit caliber met een opmerkelijk hoog top vermogen. 

Maar daar zijn we er nog niet mee. De California T heeft tevens compacte twin-scroll turbines (turbo’s), die door hun lage massatraagheid voor een scherpe gasrespons moeten zorgen. Want minder weerstand betekend immers een snellere acceleratie, in dit geval van de oppak van de toeren. Ook is er op andere, niet direct zichtbare, wijze gewerkt aan verbetering van de prestaties voor dit turbo motorblok. Namelijk het gietproces van het motorblok, waardoor de druk in het blok beter verdeeld is en precies is afgestemd op krachten van de turbo. 

Misschien wel de grootste uitdaging voor de Ferrari engineers was om het typische ‘Ferrari geluid’ uit dit turboblok te krijgen. Het is geen geheim dat ook Ferrari gebruik maakt van geluidsmanipulatie door kleppen in de uitlaat, motor akoestiek die direct gericht is op de beleving van de bestuurder en andere trucs. Sommige merken leggen tot in detail uit hoe hun akoestiek-afdeling (ja, er zijn aparte afdelingen voor!) te werk gaat, maar bij Ferrari is dit een grijs gebied voor mensen buiten de fabriek. Ze geven enkele kleine details prijs wat ze bij de ontwikkeling van deze nieuwe motor hebben toegepast om het perfecte geluid te creëren. Zo hebben de krukassen afgevlakte krukpennen, gegoten uitlaatspruitstuk wat uit drie delen bestaat en het turbohuis.

De direct ingespoten 3.855cc 8-cilinder turbomotor is zeer laag, middenvoor in het chassis gemonteerd, en levert 412 kW (560 pk) bij 7.500 tpm, wat zich vertaalt in een specifiek vermogen van 145 pk/l – het hoogste in dit segment – en een maximumkoppel van 755 Nm. Waarden die de California T een uitzonderlijke 0-100 km/u acceleratie in slechts 3,6 seconden bezorgen.

Nieuwe persoonlijkheid
Zowel op het gebied van de voorgenoemde prestaties als op het gebied van design is het karakter van de auto verandert. De afmetingen van het actuele model zijn behouden gebleven, maar de California T is optisch flink verandert. Zo heeft hij nieuwe koplampen gekregen in de FF en 458 Italia stijl, kreeg hij twee in plaats van één luchtinlaat in de motor, de lijnen aan voor en zijkant zijn strakker aangezet en ook de achterkant oogt nog sportiever door de nieuwe diffuser en krachtige bumperpartij. De California is zijn kenmerkende verticaal boven elkaar geplaatste uitlaat pijpen aan beide kanten wel kwijt. Want daar was zoals je ziet met de nieuwe diffusor en luchtuitlaten achter de wielkasten geen plaats meer voor. 

Rijbeleving
Ook hiervoor heeft Ferrari aan de weg getimmerd, om deze nog verder te optimaliseren. Door een aantal vernieuwde systemen remt de auto nog krachtiger, stuurt hij directer en heeft hij een betere tractie.

De California T heeft het nieuwste, derde generatie keramisch remsysteem, van Ferrari gemonteerd gekregen. Door de nieuwe composiet remschijven en blokken is dit systeem nog efficiënter geworden. De remmen zijn geïntegreerd met het ESP 8.0 premium dat het high-performance ABS aanstuurt. Waardoor de California T van 100 km/h binnen 34 meter tot stilstand komt.

Voor de echte sportwagendynamiek heeft de auto een scherpere besturing en verbeterde stuurreacties op commando’s van de bestuurder gekregen. Met dank aan een nieuwe setup voor de stuurbox en ophanging. Nieuwe veren en de nieuwste-generatie Magnaride-dempers (die 50 procent sneller reageren) zorgen samen met koetswerkrol acceleratiemeters voor een meer precieze handling zonder daarbij de ongelooflijk comfortabele rijervaring negatief te beïnvloeden.

De meest recente evolutie van Ferrari’s F1-Trac tractiecontrolesysteem zijn ook op de California T toegepast. Voor een maximale bocht-uit acceleratie, waarbij de sportieve kant van dit vernieuwde model worden onderstreept.  

Interieur
Het interieur is van minder nieuwe technologieën voorzien, maar is er ook niet bepaald rustiger op geworden door de nieuwe toevoegingen. Sommige premium/ sportwagen fabrikanten kiezen ervoor om het interieur van hun hun dure modellen simpel en functioneel te houden, waar anderen maar knoppen bij blijven voegen. Waarbij de Porsche Panamera in onze ogen wel de kroon spand, want het dashboard en middenconsole lijken wel op een vliegtuigcockpit. En dat is niet net als bij Spyker door hoogwaardige details zoals aluminium tuimelschakelaars, maar de hoeveelheid aan knoppen.

Ferrari gaat gelukkig zo ver nog niet, maar ze voeren wel de trend door om de functies die je eerst bij de hendels achter het stuur had op het stuur te plaatsen. Ferrari zelf zou er een mooi marketingpraatje van kunnen maken dat dit nog meer Formule 1 ervaring geeft in de cockpit, maar niet iedereen is zo goed in multi-tasken. En wanneer je het stuur bijvoorbeeld 90 geraden hebt gedraaid moet je al gaan nadenken welke knipperlichtknop je moet gaan gebruiken.

Ook het navigatiesysteem is er niet eenvoudiger op geworden zoals wij dat op het eerste zicht kunnen zien. Het is wel geheel nieuw en heeft touch-screen gekregen, maar heel vernieuwend is dat niet.

De middentunnel (waar normaal de versnellingspook zit) is er in onze ogen wel op voorruit gegaan. Want deze ziet er strakker, smaller, simpeler en daardoor rustiger uit.  

De California T wordt in maart op de internationale autoshow van Genève onthuld, maar is nu al online te bewonderen op www.ferrari.com.

{gallery}galleries/merken/Ferrari/2014-California-T{/gallery}
{youtube}oxT40GOtL3s{/youtube} 
 

 

De wederopstanding van een Ferrari Dino

Een opmerkelijk verhaal uit het verleden dit keer, om precies te zijn 1978. Een toen vier jaar oude Ferrari Dino wordt door de politie van L.A. gevonden in de tuin van een woning, ondergronds.

35 jaar geleden geeft een informant van de politie in Los Angeles een wel heel aparte tip door. In een tuin in een buitenwijk zou een heuse Ferrari begraven zijn in de tuin van een huis. De politie gaat met enkele scheppen richting de tuin om de Ferrari uit zijn graf te halen. 

De informant heeft nog geen verklaring gegeven voor de Ferrari. De politie gaat dan ook voorzichtig te werk en controleert de auto op lijken. Er zijn geen lijken aanwezig in de auto en ook een snelle zoektocht door de kofferbak levert geen drugs op. Tijdens de kentekencontrole komt naar boven dat de auto gestolen is, de informant maakt het verhaal nog spannender door te melden dat het hier om een verzekeringsfraude gaat. 

Onze vrienden van Jalopnik hebben het bijzondere verhaal van deze Dino uitgepluisd.

7 december 1974
Het mysterieuze verhaal van de Ferrari Dino begint eigenlijk al eerder dan 7 december. Via wat omzwervingen bij dealers in Amerika werd de auto uiteindelijk gekocht door een loodgieter in Los Angeles als een cadeautje voor zijn vrouw. Nog voordat zijn vrouw er 500 mijl mee gereden had werd een plan bedacht om de verzekering te flessen. Enkele handlangers zullen de auto gaan stelen en laten verdwijnen. 

Op 7 december was het dan eindelijk zo ver. Om het jubileum van hun huwelijk te vieren ging het stel naar het Brown Derby Restaurant. Tijdens hun romantisch etentje werd de Dino ontvreemd. Voor de politie was het een doodnormale diefstal en werd er geen argwaan gewekt door de verdrietige eigenaren. 

Het plan
De Dino zou een angstige tijd moeten doorstaan. Na ontvreemd te worden door een stel vreemde knapen zou de auto in stukken gesneden worden en in zee gedumpt worden om zo elk stukje bewijsmateriaal te doen verdwijnen. De toenmalige eigenaar, een zekere Rosendo Cruz, zou hierop het verzekeringsgeld gaan collecteren. Zijn handlangers zouden ook een deel krijgen waarna iedereen er rijker van zou worden. 

De uitvoering
Één ding dat zeker is, is dat de Ferrari Dino op die noodlottige zaterdagavond in ieder geval gestolen werd. De rest van het plan verdween echter als sneeuw voor de zon toen de heren van het dievengilde toch enigszins gehecht raakten aan de prachtige Italiaanse lijnen. 

In plaats van de Ferrari in stukken te snijden en in de oceaan te laten verdwijnen werd er één stukje plaatwerk verwijderd. Het Dino GT logo werd uit de achterkant gesneden met een gasbrander. De rest van de Dino werd begraven in een tuin in een buitenwijk. Meneer Cruz kreeg zijn geld uitgekeerd voor zijn gestolen auto, de dieven hebben hun geld gecollecteerd maar zijn echter nooit meer terug gekomen om de Ferrari uit de grond te halen. 

Januari 1978
In januari 1978 werd de pers wijs gemaakt dat een stel kinderen die in de tuin aan het spelen waren op de auto stuitten en de politie waarschuwden. In werkelijkheid is de politie op de tip van hun informant afgegaan en zijn ze aan het graven geslagen. Met een kleine graafmachine en een team aan politieagent met scheppen werd er in een voortuin in Los Angeles een donkergroene Ferrari Dino 246 GTS uitgegraven. 

De staat van de auto na enkele jaren in de grond was verre van ideaal. De lak was niet meer in een goede staat, roest had gaten in het plaatwerk gevreten en ook het interieur was verschoten. De dieven hadden dan wel handdoeken tussen de ramen gedaan maar hadden hierna verzaakt de ramen goed te sluiten. De bijzondere Campagnolo velgen waren ook door het roestmonster verwoest en de uitlaten zaten vol met modder. De motorkap was gedeukt, het dak zat vol met diepe krassen en de voorruit was gebarsten. 

De nieuwe eigenaar
Aangezien de verzekeringsmaatschappij jaren eerder al geld had uitbetaald aan de vorige eigenaar werd de verzekeringsmaatschappij eigenaar van de auto nu hij terecht is. Gezien de publiciteit die de auto vergaarde werd deze plat gebeld door potentiële kopers voor een bod op de auto. 

Het plan werd bedacht om de auto twee weken lang tentoon te stellen in een loods. Hierop werd geïnteresseerden gevraagd om een bod te doen op de auto. Dit plan liep echter anders dan gehoopt. Na twee weken kwam de Dino terug met bijna alle onderdelen welke niet stevig vast zaten verwijderd, zelfs de oliepeilstok was verdwenen. 

Uiteindelijk kwam de auto terecht bij een monteur die hem voor minder dan $10.000,- kocht van de verzekeringsmaatschappij. De partner van deze monteur was telefonisch in gesprek over de Dino toen deze bezig was met de aankoop van een huis. De makelaar hoorde dit telefoongesprek en zei vrijwel direct; Ik koop die auto. De enige voorwaarde was dat de auto moest rijden. 

Zo goed als nieuw
De nieuwe eigenaar, en direct ook de huidige eigenaar, heeft kosten noch moeite gespaard om de auto in nieuwstaat te krijgen. Het belangrijkste voor hem was in eerste instantie en goede spuiter vinden. Uiteindelijk is de auto geheel tot het blanke plaatwerk schoon gemaakt waarna het plaatwerk weer strak gemaakt werd en opnieuw gespoten. Hierbij werd de formule voor de “forrest green” lak rechtstreeks bij Ferrari vandaan gehaald. Het resultaat van dit spuitwerk was een auto waarbij de lak van het exterieur perfect matchte met de originele lak aan de binnenzijde. 

Vorig jaar was het originele schuim uit de stoelen helemaal vergaan. Toen heeft de eigenaar het interieur geheel laten vernieuwen. Wederom werden kosten nog moeite gespaard om het interieur zo origineel mogelijk terug te plaatsen. 

Heden ten dage rijdt de auto nog steeds rond in de buurt van Los Angelos. Het persoonlijke kenteken doet de auto in ieder geval eer aan. De kentekenplaat “DUG UP” toont nog steeds het bijzondere verleden van deze auto aan. In onderstaand filmpje verteld de eigenaar tot in detail het unieke verhaal van deze bijzondere auto. 

{youtube}YJDT04DOalI{/youtube}